donderdag 30 april 2015

Lower Dens - Escape From Evil

Ik heb een jaar of drie geleden flink genoten van Nootropics van Lower Dens. De band uit Baltimore, Maryland, vermaakte op haar ode aan de intelligentie verhogende drugs eindeloos met lekkere lome dreampop met een hoofdrol voor geweldige gitaarlijnen, ijle elektronica en de wat weemoedige zang van Jana Hunter. 

Nootropics deed me uiteindelijk vooral denken aan de platen van Beach House (dat helaas van de aardbodem verdwenen lijkt), maar Lower Dens bouwde ook wel degelijk flink door aan een eigen, bij vlagen lekker eigenzinnig, geluid. 

Gezien mijn zeer positieve ervaringen met de vorige plaat van Lower Dens en de zeer positieve recensies waarop deze plaat destijds kon rekenen, verbaast het me een beetje dat opvolger Ecscape From Evil tot dusver wat lauwtjes wordt ontvangen (en dat is een understatement). 

Ik heb de plaat daarom wat langer laten liggen dan echt nodig was en dat blijkt nergens voor nodig. Escape From Evil borduurt immers voor een belangrijk deel voort op zijn voorganger en kiest hooguit voor een net wat andere en misschien net wat toegankelijkere invalshoek. 

Alles wat ik hierboven over de muziek van Lower Dens heb gezegd is ook van toepassing op de nieuwe plaat van de band rond Jana Hunter. Wanneer ik Escape From Evil vergelijk met Nootropics valt op dat de ruim aanwezige synths dit keer meer klanken uit de 80s halen, waardoor de donkere muziek van de band soms herinnert aan die van Siouxise Sioux in haar beste dagen. Het is een extra ingrediënt dat uitstekend past in de muziek die Lower Dens maakt. 

Lower Dens is, zeker bij afwezigheid van Beach House, meester in het maken van lekkere dromerige muziek en het is nog altijd muziek met veel tinten grijs en zwart. Escape From Evil is zoals gezegd misschien iets toegankelijker dan Nootropics, maar de verschillen moeten zeker niet overdreven worden. Lower Dens maakt nog altijd muziek die stevig is geïnspireerd door de dreampop uit de jaren 90, maar combineert deze nu op succesvolle wijze met postpunk en synthpop uit de jaren 80. 

Het blijkt een combinatie die uitstekend werkt. De dromerige gitaarlijnen klinken prachtig op een zwaar aangezet elektronisch klankentapijt, maar ze combineren ook wonderwel met de veel lichtvoetigere synthpop klanken, die Lower Dens overigens lang niet voor alle songs uit de kast trekt. 

In muzikaal opzicht is Escape From Evil veelzijdiger dan zijn voorganger en dat is ook in vocaal opzicht het geval. Jana Hunter was op Nootropics al een aansprekend boegbeeld, maar op Escape From Evil blijkt ze vele stappen verder. Het ene moment hoor je de hogepriesteres die Nico ooit was, het volgende moment zwartkijkers als Siouxsie Sioux en Beach House zangeres Michelle Legrand, maar Jana Hunter kan op de nieuwe plaat van Lower Dens ook uit de voeten als lichtvoetige popzangeres of als heuse crooner en steekt ook nog een keer Grace Slick naar de kroon in een zwaar psychedelische track. 

Ik ben al met al weer zeer te spreken over Lower Dens. Nootropics was misschien wat consistenter dan deze nieuwe plaat, maar het inslaan van nieuwe wegen zorgt voor de vernieuwing die we zo graag zien in de popmuziek en levert bovendien een aantal geweldige songs op. Tot dusver helaas verguisd, maar ik vind het echt een hele leuke en lekkere plaat. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com   cd   Koop bij bol.com   LP

    

woensdag 29 april 2015

Sophie Hunger - Supermoon

De Zwitserse singer-songwriter Sophie Hunger maakte aan het eind van 2012 een onuitwisbare indruk met het prachtige The Danger Of Light. Ik vergeleek de plaat destijds met het werk van Fiona Apple en dat is nog steeds een van mijn persoonlijke favorieten, zodat deze vergelijking als het groots mogelijk compliment moet worden beschouwd.

Na een mooie, maar in Nederland nauwelijks opgemerkte live-plaat (The Rules Of Fire), is Sophie Hunger nu dan eindelijk terug met een nieuwe studioplaat, Supermoon.

Ik begon met onrealistisch hoge verwachtingen aan de beluistering van Supermoon, maar de plaat heeft mijn verwachtingen ruimschoots overtroffen. Supermoon is een intieme, donkere en avontuurlijke plaat vol geheimen. Wanneer je al deze geheimen ontrafeld hebt is Supermoon een plaat die je geen dag meer wilt missen. 

Vergeleken met The Danger Of Light is Supermoon een stuk veelzijdiger, elektronischer en eclectischer. Op haar nieuwe plaat zoekt Sophie Hunger bovendien wat nadrukkelijker het experiment, maar de nieuwe plaat van de Zwitserse muzikanten bevat ook een aantal juist wat toegankelijkere songs. Het zijn toegankelijkere songs met een bite, want de muziek van Sophie Hunger ontspoort vrij makkelijk. Dit zorgt net zo makkelijk voor gitaarmuren als voor vervreemdende vocalen of elektronica, want Supermoon is een vat vol tegenstrijdigheden. 

Op haar nieuwe, samen met de Amerikaanse producer John Vanderslice opgenomen, plaat laat Sophie Hunger zich beïnvloeden door een aantal decennia popmuziek, maar de Zwitserse singer-songwriter breidt al deze invloeden op geheel eigen wijze aan elkaar. In een aantal songs balanceert Sophie Hunger op het randje van kunst en kitsch, maar ook in een aantal buitengewoon lichtvoetige popdeuntjes vol goedkope elektronica en blazers uit blik blijft ze met gemak overeind, al is het maar omdat er altijd wel wat verrassingen zijn verstopt in de avontuurlijke songs van Sophie Hunger. 

In eerste instantie vond ik de wat lichtvoetigere songs wat uit de toon vallen en ook wat minder van kwaliteit, maar na herhaalde beluistering valt ook in deze songs alles op zijn plaats. 

Sophie Hunger gaat op haar nieuwe plaat niet alleen aan de haal met een veelzijdiger instrumentarium en een keur aan genres, maar schuwt ook een stemmige Duitstalige song en een nog opvallender Franstalig duet met voormalig stervoetballer en enfant terrible Eric Cantona niet. 

Het draagt allemaal bij aan een plaat die vanaf de eerste tot en met de laatste noot intrigeert en die je vanaf de eerste noot het idee geeft dat je naar iets bijzonders aan het luisteren bent. Dat idee heb ik vele luisterbeurten later nog steeds, net zoals dat het geval was bij The Danger Of Light. 

Supermoon laat zich overigens lastig vergelijken met zijn voorganger, want Sophie Hunger heeft op haar nieuwe plaat een enorme stap in een andere richting gezet. Het onderstreept alleen maar dat we hier te maken hebben met een groot talent. Hoogste tijd dus dat Sophie Hunger ook in Nederland wordt omarmd. Supermoon is er absoluut goed en bijzonder genoeg voor. Erwin Zijleman

Koop bij BOL.com

   

dinsdag 28 april 2015

Tracey Thorn - Songs From “The Falling”

Songs From “The Falling” van Tracey Thorn mag absoluut een tussendoortje worden genoemd. De acht songs die de inmiddels roemruchte Britse singer-songwriter bijdroeg aan de film The Falling beslaan immers maar net iets meer dan een kwartier. 

Toch is Songs From “The Falling” voor mij veel meer dan een tussendoortje. Ik heb Tracey Thorn hoog zitten als zangeres van Everything But The Girl, ik heb Tracey Thorn nog hoger zitten als soloartiest (de vier soloplaten die ze heeft uitgebracht zijn allemaal van een bijzonder hoog niveau) en ik heb twee jaar geleden genoten van haar briljante memoires in Bedsit Disco Queen: How I Grew Up And Tried To Be a Pop Star. 

Ook een EPtje met net iets meer dan een kwartier muziek is voor mij iets om naar uit te zien wanneer Tracey Thorn de uitvoerende artiest is. En ze heeft me wederom niet teleurgesteld. 

Songs From “The Falling” bevat 8 uiterst sobere popsongs die in lengte variëren van nog geen anderhalve minuut tot net drie minuten. Het zijn ruwe popliedjes die worden gedragen door sober pianospel of al even sober akoestisch gitaarspel, een handvol speelse accenten en natuurlijk de prachtige stem van Tracey Thorn. 

Tracey Thorn was in het verleden een meester in het rijk aankleden van haar songs, maar in deze uiterst sobere setting komt haar stem misschien wel beter tot zijn recht. Tracey Thorn stond zichzelf voor iedere song slechts één take toe. Hierdoor zijn er vast wat foutjes in geslopen, maar ik hoor ze niet. Het doet er ook niet toe. 

Songs From “The Falling” van Tracey Thorn maakt indruk door zijn ruwe eenvoud en pure en eerlijke songs die zijn teruggebracht tot de essentie. Het maken van muziek kan zo eenvoudig zijn, maar ach wat is het mooi. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com   cd  Koop bij bol.com  vinyl

 

Houndmouth - Little Neon Limelight

De uit New Albany, Indiana, afkomstige band Houndmouth wordt in de Verenigde Staten in hetzelfde hokje geduwd als The Lumineers, waarmee de band in Europa aansluiting vindt bij een band als Mumford & Sons. 

Ook Houndmouth maakt immers lekker in het gehoor liggende rootsmuziek met een opzwepende instrumentatie en gepassioneerde vocalen. 

Toch sla ik Houndmouth na het beluisteren van Little Neon Limelight, overigens de tweede plaat van de band, aanzienlijk hoger aan dan de genoemde concurrenten. Dat heeft meerdere redenen. 

Allereest valt Little Neon Limelight op door geweldig gitaarwerk. Dit kan ondersteunend gitaarwerk op de achtergrond zijn, maar de muziek van Houndmouth mag af en toe ook flink ontsporen. 

Hiermee hebben we direct een tweede reden waarom Houndmouth zich weet te onderscheiden van de concurrentie te pakken, want in tegenstelling tot de genoemde bands kleurt Houndmouth aanzienlijk minder netjes binnen de lijnen en sluit het bovendien meer aan op de muziek uit de jaren 60 en 70 en verpakt het deze invloeden in songs vol urgentie.

Tenslotte vind ik Houndmouth in vocaal opzicht veel beter dan de genoemde zeer succesvolle bands. Ook Houndmouth grossiert in gepassioneerde vocalen en zwaar aangezette harmonieën, maar het lijkt bij de band uit Indiana geen kunstje.  De band combineert op bijzonder fraaie wijze mannen- en vrouwenvocalen en zeker wanneer er in vocaal opzicht gast terug genomen mag worden waan je je een aantal decennia terug in de tijd, terwijl de band in de harmonieën ook uitstapjes richting gospel kan maken. 

De muziek van Houndmouth grijpt nadrukkelijk terug op de countryrock en folkrock uit de jaren 60 en 70, maar de band schuwt ook 50s rock ’n roll of meer eigentijdse rockvarianten niet en is ook niet bang voor een ingetogen ballad , een flinke dosis psychedelica of een spetterende portie Southern rock. 

Het is jammer dat Houndmouth op Little Neon Limelight heeft gekozen voor twee grootse en meeslepende openingstracks, want persoonlijk vind ik de tweede plaat sterker worden wanneer de band minder zijn best doet om een breed publiek aan te spreken. 

Little Neon Limelight is uiteindelijk vooral een geweldige rootsalbum. Het is een rootsalbum van een band die in muzikaal opzicht meerdere kanten op durft te gaan en het is een album van een band die beschikt over de luxe van meerdere leden die geweldig kunnen zingen. In technisch opzicht is het waarschijnlijk niet eens zo heel bijzonder, maar Little Neon Limelight maakt diepe indruk met de hoeveelheid emotie die in de songs en met name in de vocalen van Houndmouth is verpakt. 

Little Neon Limelight is tenslotte ook nog eens een enorme groeiplaat. Bij eerste beluistering vond ik de muziek van de Amerikaanse band vooral lekker klinken, maar inmiddels is Little Neon Limelight voor mij een van de beste rootsplaten van de laatste tijd. En hij wordt nog steeds alleen maar beter. Zeer warm aanbevolen dus. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com   cd   Koop bij bol.com  LP

   

maandag 27 april 2015

Ron Sexsmith - Carousel One - revisited

Buiten de echte liefhebbers doet vandaag vrijwel iedereen iets anders dan recensies lezen. Voor de echte liefhebbers nog een keer aandacht voor mijn favoriete plaat van 2015 tot dusver: Carousel One van Ron Sexsmith.

Ron Sexsmith maakt inmiddels 24 jaar platen en heeft in die 24 jaar een dozijn (bescheiden) meesterwerken afgeleverd. Op elk van deze meesterwerken staat minstens een handvol briljante popsongs, zodat de Canadese singer-songwriter wat mij betreft inmiddels niet meer onder doet voor de allergrootsten in het genre (en dat vinden muzikanten uit deze categorie als Paul McCartney en Elvis Costello zelf overigens ook). 

Dat Ron Sexsmith nog altijd in de marge of op zijn minst in de schaduw van de groten der aarde opereert is dan ook een trieste constatering, maar het is niet anders en het gaat waarschijnlijk ook niet meer veranderen; daarvoor is het talent van de Canadees inmiddels te lang miskend.

Op het vier jaar geleden verschenen Long Player Late Bloomer deed Ron Sexsmith met een wat gepolijster geluid nog één poging om in bredere kring gehoord te worden, maar het bleek een weinig succesvolle poging. Long Player Late Bloomer behoort tot de mindere platen in het rijke oeuvre van de Canadees en zorgde ook niet voor het gewenste bredere publiek. 

Ron Sexsmith zat gelukkig niet bij de pakken neer en leverde twee jaar geleden met Forever Endeavour één van zijn sterkste platen tot dusver af. Inmiddels is het al weer tijd voor plaat nummer 13 (of nummer 14 wanneer we de prima verzameling restjes op Rarities uit 2003 mee rekenen) en ook Carousel One blijkt weer een hele mooie plaat en bovendien een plaat van het niveau dat we inmiddels van Ron Sexsmith gewend zijn. 

Ron Sexsmith maakt inmiddels 24 jaar akelig perfecte popliedjes, maar desondanks klinkt iedere plaat die hij uitbrengt weer net wat anders. De Canadees krijgt dit onder andere voor elkaar door steeds voor een andere producer te kiezen en bovendien steeds te kiezen voor een net wat andere invalshoek of een net wat ander geluid. 

Na de net wat minder geslaagde samenwerking met Bob Rock op Long Player Late Bloomer en de juist zeer geslaagde samenwerking met Mitchell Froom op Forever Endeavour, heeft Sexsmith dit keer gekozen voor de met name van Wilco bekende Jim Scott. Waar Mitchell Froom de vorige plaat van Ron Sexsmith voorzag van een behoorlijk ingetogen en grotendeels akoestisch geluid, heeft Jim Scott gekozen voor een wat uitbundiger geluid. 

Het is een geluid dat meerdere kanten op schiet en zowel plaats biedt aan voorzichtig rockende songs en songs met een vleugje country als aan de volstrekt tijdloze en wat meer pop-georiënteerde songs die we inmiddels al zo lang kennen van Ron Sexsmith. 

Eerder gaf ik al aan dat eigenlijk iedere plaat van de Canadees garant staat voor minstens een handvol briljante popsongs en deze komen ook op Carousel One weer snel aan de oppervlakte. Dit  zorgt er inmiddels ook voor dat de lat voor Ron Sexsmith bij iedere nieuwe plaat weer ontiegelijk hoog ligt. Carousel One bevat een aantal songs die je na één keer horen nooit meer wilt vergeten, maar ook de songs die op het eerste gehoor misschien net wat minder zijn, blijken uiteindelijk in veel gevallen pareltjes. 

Carousel One is zoals gezegd een gevarieerde plaat. Zeker vergeleken met zijn voorganger klinkt de nieuwe Ron Sexsmith opvallend losjes en ontspannen en hoor je dat de plaat met veel plezier is gemaakt. Het geeft zijn tijdloze songs een extra dimensie. Het klinkt zoals gezegd losjes, maar ondertussen maakt Ron Sexsmith ook op deze plaat weer popmuziek van het allerhoogste niveau.

Ron Sexsmith mag misschien nog altijd geen wereldster zijn, maar het bij elkaar krijgen van een flink aantal geweldige sessiemuzikanten is voor de Canadees inmiddels geen probleem meer. Ook op Carousel One wordt er daarom weer geweldig gemusiceerd, wat de fraaie songs van de Canadees nog wat meer glans geeft. 

Carousel One is al met al de zoveelste prachtplaat van Ron Sexsmith en het is wederom een plaat die Paul McCartney maar wat graag gemaakt zou hebben. Verplichte kost voor de liefhebbers van zijn muziek; een prachtige ontdekking voor een ieder die de muziek van de Canadees tot dusver links heeft laten liggen. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com

    

zondag 26 april 2015

Christine And The Queens - Chaleur Humaine

Christine And The Queens; het is in Frankrijk inmiddels al een tijdje een ware sensatie, maar nu moet dan ook Nederland gaan vallen voor charmes van de Franse zangeres. 

De kans dat dit gaat lukken lijkt me levensgroot, want Christine And The Queens heeft met Chaleur Humaine een debuut afgeleverd dat met geen mogelijkheid is te weerstaan. 

Achter Christine And The Queens gaat de uit Nantes afkomstige zangeres Héloïse Létissier schuil. Héloïse Létissier kreeg in haar jeugd ongetwijfeld de Franse popmuziek met de paplepel ingegoten, maar heeft de afgelopen jaren ook goed buiten de Franse landsgrenzen geluisterd. Het levert op Chaleur Humaine een even verrassende als sprankelende mix van stijlen op. 

Het debuut van Christine And The Queens heeft het zwoele en verleidelijke van Franse popmuziek, heeft het aanstekelijke van de Amerikaanse popprinsessen en biedt ook nog eens alle ruimte aan elektronisch avontuur. 

Héloïse Létissier laat zich niet beperken tot één stijl en beperkt zich evenmin tot één taal. Chaleur Humaine is deels Engelstalig en deels Franstalig (en vaak Engelstalig en Franstalig door elkaar), maar het grappige is dat het eigenlijk niet zoveel uitmaakt in welke taal Héloïse Létissier zingt. Chaleur Humaine is altijd even verleidelijk, waardoor de plaat altijd goed is voor lentekriebels en zonnestralen. 

Chaleur Humaine is echter ook een plaat die je moet ontdekken. In eerste instantie heb je vooral oor voor de zwoele bovenlaag, maar al snel krijg je ook aandacht voor de hele bijzondere instrumentatie van de plaat. Waar Franse zangeressen zich bij voorkeur omgeven met klanken die aansluiten bij de rijke muzikale historie van het land of kiezen voor een vleugje bossa nova, heeft Héloïse Létissier op het debuut van Christine And The Queens gekozen voor een broeierig elektronisch geluid. 

Het is een subtiel en avontuurlijk geluid, dat de songs van Christine And The Queens steeds weer een net wat andere kant op sleurt en ook nog eens prachtig kleurt bij de warme stem van Héloïse Létissier, die lieflijk kan fluisteren, maar ook opvallend doorleefd en soulvol kan zingen. Het is een geluid dat vaak fris en modern klinkt, maar ook zo nu en dan teruggrijpt op elektronische muziek van een aantal decennia geleden, waarbij Eurodisco, Kraftwerk en 80s synthpop aan elkaar worden geregen. 

Wanneer je eenmaal bent verleid door de zwoele vocalen van Héloïse Létissier en betoverd door de avontuurlijke klanken op Chaleur Humaine, zijn er ook nog de songs op Chaleur Humaine. Iedereen die de onweerstaanbare single Christine kent weet dat Héloïse Létissier songs kan schrijven die na één keer horen voorgoed in je hoofd zitten, maar de Française is ook niet bang voor typisch Franse ballads, voor sprankelende zomerliedjes of juist voor songs die veel lastiger zijn te doorgronden. 

Chaleur Humaine is inmiddels enkele weken een trouwe metgezel, maar nog steeds hoor ik nieuwe dingen op de plaat. Christine And The Queens werd in Frankrijk maanden geleden al op de juiste waarde geschat. Nu is het de beurt aan Nederland. Laat hem niet liggen, want met Chaleur Humaine wordt de zomer echt een stuk leuker. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com  cd    Koop bij bol.com  LP

   

zaterdag 25 april 2015

Hattie Briggs - Red & Gold

Ik hou erg van Britse folk, maar ben op de één of andere manier niet heel erg thuis in de hedendaagse Britse folkmuziek en al helemaal niet in de wat meer traditionele Britse folkmuziek. 

Voor het vinden van de krenten in de Britse folk vertrouw ik dan ook op een aantal tipgevers, van wie er onlangs meerdere hebben geroepen dat ik echt naar Red & Gold van Hattie Briggs moest luisteren. Dat ze gelijk hadden wist ik al na enkele noten. 

Hattie Briggs is een Britse singer-songwriter, die in eigen land inmiddels wordt geschaard onder de grote beloften in het folk segment, wat onder andere blijkt uit haar nominatie voor de prestigieuze BBC Radio 2 Young Folk Award vorig jaar. 

Hattie Briggs speelt zowel piano als gitaar en gebruikt deze afwisselend in haar songs, waarbij ze gezelschap krijgen van vaak sober maar altijd bijzonder smaakvol ingezette strijkers. De mooie instrumentatie staat in vrijwel alle tracks volledig in dienst van de stem van Hattie Briggs en dat is een verstandig besluit. 

De jonge Britse singer-songwriter beschikt immers over een prachtig helder stemgeluid. Het is een stemgeluid dat herinnert aan groten uit de Britse folk als Sandy Denny, maar  vanwege de opvallend heldere klanken en de fraaie timing moest ik ook direct aan Eva Cassidy denken. Dat is geen toeval, want Eva Cassidy is de favoriete zangeres van Hattie Briggs en vormde de belangrijkste inspiratiebron voor Red & Gold. 

Hiermee legt Hattie Briggs de lat direct bijzonder hoog voor zichzelf. Eva Cassidy werd sinds haar trieste dood vrijwel continue de hemel in geprezen en staat op een voetstuk waar maar weinig zangeressen bij in de buurt mogen komen. 

Wanneer Hattie Briggs op Red & Gold ook nog eens aan de haal gaat met het door Sting geschreven, maar door Eva Cassidy onsterfelijk gemaakte Fields Of Gold en zich hierbij laat begeleiden door Eva’s broer Dan, lijkt ze de goden te verzoeken om keihard onderuit te gaan, maar dankzij een prachtige versie, die goed aansluit op die van Eva Cassidy, komt Hattie Briggs er nog mee weg ook. 

Dat lukt veel minder goed wanneer Hattie Briggs zicht vergrijpt aan To Build A Home van The Cinematic Orchestra, maar deze song is gelukkig een stuk minder beladen. De rest van Red & Gold bestaat uit eigen songs en dat zijn stuk voor stuk mooie folksongs. 

Op Red & Gold put Hattie Briggs inspiratie uit de traditionele Britse folk, maar ze heeft vervolgens gekozen voor een betrekkelijk lichtvoetig en hierdoor behoorlijk toegankelijk geluid, waardoor Red & Gold ook liefhebbers van aangename folkpop aan moet kunnen spreken. 

Red & Gold is een plaat die het uitstekend doet in de kleine uurtjes of in de vroege ochtend. Traditionele Britse folk kan bij mij wel eens zwaar op de maag liggen, maar het debuut van Hattie Briggs streelt steeds weer het oor. Het levert een fraai debuut op dat het verdient om in brede kring gehoord te worden. Erwin Zijleman

Red & Gold van Hattie Briggs is in digitale vorm beschikbaar via iTunes: https://itunes.apple.com/nl/album/red-gold/id975339659 Een fysiek exemplaar bestel je via haar website: http://www.hattiebriggs.co.uk/shop.html. Cd's zijn al beschikbaar, vinyl komt binnen 4 weken.

    

vrijdag 24 april 2015

Tori Amos - Under The Pink, Deluxe Edition

Precies een week geleden stond ik stil bij de luxe editie van het debuut van Tori Amos, Little Eartquakes uit 1992. Gelijk met de luxe editie van het debuut van de Amerikaanse singer-songwriter verscheen ook een luxe editie van haar tweede plaat, Under The Pink uit 1994. 

In mijn recensie van Little Eartquakes gaf ik aan dat het debuut van Tori Amos nog altijd met kop en schouders boven haar andere platen uitsteekt, maar na herhaalde beluistering van Under The Pink, moet ik die bewering toch wel enigszins relativeren of misschien zelfs wel compleet onderuit halen. 

Under The Pink werd in 1994 misschien minder beoordeeld dan het twee jaar eerder zo geprezen debuut, maar blijkt achteraf bezien een hele interessante plaat. 

Dat Under The Pink niet zo succesvol was als Little Earthquakes is makkelijk te begrijpen. Waar op het debuut van Tori Amos de mooie luisterliedjes domineerden, is Under The Pink voor een belangrijk deel een stuk experimenteler. Bij beluistering van Little Earthquakes dook de vergelijking met Kate Bush hooguit een enkele keer op, maar bij beluistering van Under The Pink is de associatie met de muziek van Kate Bush vrijwel continu aanwezig. 

Op hetzelfde moment werkt Tori Amos op Under The Pink nadrukkelijk aan een eigen geluid. Het is een geluid dat op de platen die zouden volgen niet altijd even goed uit de verf zou komen, maar op Under The Pink valt alles nog op zijn plaats. 

Bij beluistering van Little Earthquakes viel me op dat ik de teksten nog vrijwel letterlijk kende en ik ook vrijwel iedere volgende noot foutloos kon voorspellen. Bij Under The Pink is dat veel minder het geval. Ik denk dat ook ik in 1994 teleurgesteld was door de tweede plaat van Tori Amos, maar wat vind ik hem inmiddels mooi. 

Natuurlijk mis ik af en toe de mooie en bijzonder indringende luisterliedjes van het debuut van de singer-songwriter uit North Carolina, maar wat staat er veel tegenover. Ook op Under The Pink gaat Tori Amos het gevecht aan met haar inmiddels bekende demonen. Ze doet dit met haar gedreven pianospel en haar expressieve vocalen (die zeker niet door iedereen gewaardeerd worden), maar het is vooral de dosis experiment die van Under The Pink zo’n fascinerende plaat maakt. 

Zeker bij eerste beluistering zijn veel van de songs op Under The Pink onnavolgbaar, wordt je gegrepen door de enorme dynamiek van de muziek van Tori Amos, die zowel fluisterzacht als zeer explosief kan zijn, en raakt Tori Amos je diep met de indrukwekkende teksten die overlopen van pijn en ellende. 

Sinds de eerste beluistering al weer 21 jaar geleden was eigenlijk alleen de single Cornflake Girl me echt bijgebleven. Het is een van de wat meer toegankelijkere songs op de plaat. Under The Pink heeft er hier zeker meer van, maar het zijn de minder makkelijk te doorgronden tracks die 21 jaar later de meeste indruk maken. 

Zoveel indruk dat ik inmiddels begin te twijfelen of Little Earthquakes nog wel alleen op het torenhoge voetstuk staat dat ik ooit voor de plaat heb opgericht. Little Earthquakes zette Tori Amos in 1992 op de kaart als eigenzinnig singer-songwriter, maar het merendeel van deze eigenzinnigheid moest nog komen op Under The Pink, dat ik door deze fraai uitgevoerde luxe editie met fraai bonusmateriaal alsnog heb omarmd als de klassieker die het eigenlijk als sinds 1994 is. Wat een prachtige en vooral ook gedurfde plaat. Schande dat ik dat niet veel eerder heb gehoord. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com   cd   Koop bij bol.com  LP

 

donderdag 23 april 2015

Jodymoon - All Is Waiting

Ik ben op deze BLOG tot dusver zeer gecharmeerd van de platen van de Nederlandse band Jodymoon. Zowel Who Are You Now uit 2010 als The Life You Never Planned On uit 2012 maakten diepe indruk en konden rekenen op zeer lovende recensies. 

Who Are You Now was overigens niet mijn eerste kennismaking met de muziek van Jodymoon, want ook de tweede plaat van het duo, Never Gonna Find It In Another Story uit 2008 wist ik in een leven voor de krenten uit de pop al zeer te waarderen.

 Voor alle platen van Jodymoon geldt dat ze verrassen met prachtige songs, maar voor alle platen van de band geldt ook dat ik ze voor de bespreking op deze BLOG relatief lang had laten liggen. 

Dat is ook weer het geval met het vorige maand al verschenen All Is Waiting, maar het heeft absoluut niets te maken met de kwaliteit van de muziek van Jodymoon. Gedurende de jaren is de muziek van zangeres Digna Jansen en multi-instrumentalist Johan Smeets alleen maar mooier geworden, waardoor de band haar vorige platen iedere keer weer weet te overtreffen. 

Ook All Is Waiting valt weer op door werkelijk prachtige songs. Het zijn stemmig geïnstrumenteerde en vooral intieme songs en het zijn songs die vaak een tijdloos karakter hebben. 

De songs van Jodymoon zijn uiterst ingetogen, maar desondanks valt All Is Waiting op door de prachtige instrumentatie. Deze is vaak uiterst subtiel, maar valt ook op door prachtige accenten van met name strijkers. 

Ook als Jodymoon alleen een piano inzet voor de instrumentatie van haar songs klinkt de muziek van het tweetal vol, wat alles heeft te maken met de prachtige stem van zangeres Digna Jansen. In een van mijn eerdere recensies riep ik haar al uit tot één van de beste zangeressen van Nederland en op All Is Waiting is Digna Jansen alleen maar mooier gaan zingen. 

De prachtige instrumentatie en de uitstekende vocalen zijn twee hele sterke wapens van Jodymoon, maar het Nederlandse duo heeft nog veel meer te bieden. Zoals eerder aangegeven hebben de songs van Jodymoon een tijdloos karakter, waardoor ze relatief makkelijk overtuigen. 

Op hetzelfde moment komen de songs van Jodymoon pas echt tot hun recht wanneer je ze wat vaker hebt gehoord. Mede daarom heb ik All Is Waiting misschien net wat langer laten liggen dan echt nodig was. Het is mijn waardering voor de nieuwe plaat van Jodymoon alleen maar ten goede gekomen. All Is Waiting overtuigde me weliswaar direct bij eerste beluistering, maar inmiddels is het een plaat die ik koester, net als ik de voorgangers van de plaat koester. 

De songs van Jodymoon op All Is Waiting zijn niet alleen wonderschoon, maar zitten ook knap in elkaar en zijn in staat om de luisteraar te betoveren en te raken. Bij de eerste keer horen heb je het idee dat je de plaat van Jodymoon al jaren kent; na een paar keer horen heb je het idee dat je al jaren van de plaat houdt en doet de plaat ook echt wat met je. 

14 tracks lang houdt All Is Waiting van Jodymoon je op het puntje van de stoel; 14 tracks lang verleidt Jodymoon meedogenloos met popmuziek van het allerhoogste niveau. Hoogste tijd dus om deze band te omarmen als het beste dat Nederland op muziekgebied momenteel te bieden heeft. In DWDD dus en snel. Erwin Zijleman

All Is Waiting van Jodymoon ligt nog niet overal in de winkel, maar kan wel worden verkregen via de website van de band: http://www.jodymoon.com/Site/home.html

Koop bij bol.com

 

woensdag 22 april 2015

Alabama Shakes - Sound & Color

De uit Athens, Alabama, afkomstige band Alabama Shakes maakte precies drie jaar geleden een onuitwisbare indruk met haar debuut Boys & Girls. 

Sindsdien wordt reikhalzend uitgekeken naar de tweede plaat van de band rond zangeres en boegbeeld Brittany Howard en nu ligt deze dan eindelijk in de winkel. 

Sound & Color blijkt een minstens even indrukwekkende plaat als het debuut van Alabama Shakes en het is bovendien een plaat die voor een groot deel totaal anders klinkt dan de zo bewierookte voorganger. 

Gebleven is het vocaal machtsvertoon van Brittany Howard, die sinds het debuut van Alabama Shakes echter alleen maar beter en soulvoller is gaan zingen. 

De grootste sprong laat Alabama Shakes echter in muzikaal opzicht horen. Sound & Color is een stuk subtieler en ook een stuk psychedelischer dan zijn voorganger, die het voor een belangrijk deel moest hebben van vrij stevig aangezette songs. Vooral het eerste deel van Sound & Color is bijzonder ingetogen. Brittany Howard laat horen dat ze niet alleen geweldig soulvol kan schreeuwen, maar ook verleidelijk kan fluisteren en bovendien het hele spectrum tussen beiden beheerst. De instrumentatie past zich vervolgens feilloos aan.

Zeker de wat meer ingetogen songs op Sound & Color ademen de sfeer van 70s soul, waarbij associaties vooral in de richting van de allergrootsten gaan (met een hoofdrol voor de muziek van Curtis Mayfield en uit de 80s af en toe een flinke dosis Prince). Het is een gedurfde stap om de dampende en opzwepende garage soul van Boys & Girls op een groot deel van de plaat te verruilen voor bijna intieme en vaak ook behoorlijk ongrijpbare en breed uitwaaiende psychedelische soul, maar het pakt geweldig uit. 

De meer ingetogen en vaak wat psychedelisch getinte en zeker ook funky songs op Sound & Color hebben een bezwerende uitwerking en vormen een prachtige soundtrack voor de late avond. 

De plaat klinkt in deze meer ingetogen songs overigens fantastisch, wat waarschijnlijk voor een belangrijk deel de verdienste is van co-producer Blake Mills (die vorig jaar met Heigh Ho zelf één van de mooiste platen van het jaar maakte), die op fraaie wijze keyboards heeft geïntegreerd in het geluid van de band. 

Net als je denkt dat Alabama Shakes het rocken is verleerd komt de band op de tweede helft van Sound & Color alsnog op de proppen met een aantal songs die gelijke delen soul en garagerock vermengen, maar ook deze songs zijn subtieler en veelkleuriger dan die op het debuut van de band en het zijn er bovendien niet heel veel. 

Ook als Brittany Howard wat subtieler zingt, zingt ze keer op keer de veters uit haar schoenen, wat stil zitten vrijwel onmogelijk maakt en Sound & Color een bijzondere lading geeft. Het is een lading die maar moeilijk is te weerstaan, zeker wanneer je merkt dat Sound & Color bij herhaalde beluistering alleen maar beter wordt. 

Alabama Shakes was op basis van haar debuut vooral een grote belofte voor de toekomst, maar op basis van het volwassen en bezwerende geluid op Sound & Color durf ik wel te beweren dat Alabama Shakes de belofte inmiddels ver voorbij is. Ik ben nu al benieuwd met wat voor muziek de band rond Brittany Howard op haar derde plaat op de proppen gaat komen, maar voorlopig kan ik nog wel even vooruit met het verrassende en weergaloze Sound & Color. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com   cd   Koop bij bol.com  2 LP's

   

dinsdag 21 april 2015

I Am Kloot - Hold Back The Night, I Am Kloot Live

Bij dubbele live albums denk ik aan hard rock en symfonische rock bands uit de jaren 70. Bij I Am Kloot denk ik aan een band die vooral in de studio goed tot zijn recht komt en grossiert in de wat meer ingetogen luisterliedjes. 

Het zijn twee gedachten die weinig waard blijken te zijn bij beluistering van Hold Back The Night, I Am Kloot Live. 

De onlangs verschenen dubbele live plaat van de band uit Manchester laat immers horen dat dubbele live platen er ook in 2015 nog toe kunnen doen en laat bovendien horen dat I Am Kloot een uitstekende live-band is die zowel uit de voeten kan in kleine en intieme popliedjes als in bijna groots klinkende rocksongs. 

I Am Kloot dook aan het begin van het huidige millennium op als onderdeel van de New Acoustics Movement, maar heeft deze beweging inmiddels ruimschoots overleefd. De band maakte inmiddels zes platen, waarvan ik er minstens vier als bovengemiddeld goed durf te bestempelen. Werk van al deze platen komt voorbij tijdens een bijna anderhalf uur durende live-set, die alle kanten van I Am Kloot belicht. 

Wat opvalt bij beluistering van Hold Back The Night is dat de muziek van I Am Kloot veel dichter bij al die andere grote bands uit Manchester zit dan ik tot dusver had gehoord. Natuurlijk zijn er de raakvlakken met Elbow, maar die waren ook op de laatste platen van I Am Kloot al goed te horen, maar ik hoor af en toe ook een vleugje Oasis en The Stone Roses, waarbij het overigens vooral gaat om bravoure en zelfverzekerdheid. 

De live-plaat van I Am Kloot is te beluisteren als een fraai carrière overzicht, maar het live geluid voegt ook iets toe aan de studioplaten van de band. I Am Kloot heeft geen poging gedaan om de perfecte live-set op de plaat te persen, maar laat een eerlijk en open live geluid horen. Het is een geluid dat absoluut iets toevoegt aan de studio versies van de gespeelde songs. 

De live versies op Hold Back The Night bevatten meer dynamiek dan de studio versies en laten bovendien wat meer rafelige en wat meer rauwere randjes horen. Het komt de muziek van I Am Kloot ten goede. Zeker op haar eerste platen klonk de band uit Manchester soms wat tam, maar de op het podium gespeelde versies van dezelfde tracks knallen uit de speakers. 

Het is knap hoe I Am Kloot hierbij kan schakelen tussen behoorlijk ingetogen en intieme tracks of passages en tracks of passages die veel steviger van leer trekken of voorzichtig de progrock kant op schieten. In alle tracks valt op hoe mooi en veelzijdig de instrumentatie is en hoe trefzeker de zang. 

Ik had op voorhand niet verwacht dat ik een dubbele live-plaat van I Am Kloot in zijn geheel uit zou kunnen zitten, maar dat blijkt echt geen enkel probleem. Hold Back The Night overtuigt anderhalf uur met speels gemak en laat horen dat I Am Kloot al lang onder de grootse Britse bands van het moment had moet worden geschaard. Grappig dat een dubbele live-plaat dit moet bewijzen, maar het is niet anders. Erwin  Zijleman

Koop bij bol.com   2 cd's   Koop bij bol.com  2 LP's

 

maandag 20 april 2015

The Whigs - Modern Creation

De uit Athens, Georgia, afkomstige band The Whigs bestaat al sinds 2002 en maakt sinds 2005 platen. De band is al sinds haar begindagen een veelgevraagde support-act, maar weet met haar platen tot dusver nog geen potten te breken. 

Dat de band het goed doet als support-act begrijp ik wel. De stevige, op de muziek van The Replacements geënte, gitaarrock van de band ligt bijzonder lekker in het gehoor en strijkt nergens tegen de haren in. 

Over de vorige platen van de band kan ik nog niet zoveel zeggen omdat ik ze slechts vluchtig beluisterd heb, maar het onlangs verschenen Modern Creation vind ik een hele lekkere plaat, die het bestaansrecht van The Whigs absoluut onderstreept. 

Ook op Modern Creation maakt The Whigs geen geheim van haar voorliefde voor de muziek van The Replacements, maar ook de wat rauwere muziek uit de beginjaren van stadgenoten R.E.M. heeft zijn sporen nagelaten op Modern Creation. Hiernaast flirt de band, zoals het een band uit Georgia betaamt, met invloeden uit de Southern Rock en hoor ik af en toe ook een vleugje grunge. 

The Whigs maakt op Modern Creation muziek zonder poespas. Gitaar, zang, bas en drums; meer heb je niet nodig om een goede rockplaat te maken. De rockplaat van The Whigs valt overigens opvallend donker uit. De zwaar aangezette drums en bas leggen een aardedonkere basis, waarop de gitaren alle kanten op mogen schieten, waarna de aangename vocalen en de lekker in het gehoor liggende songs voor het toegankelijke laagje mogen zorgen. 

Dat levert soms rechttoe rechtaan rocksongs op, maar The Whigs flirt zoals gezegd ook met andere genres, waaraan ik het vleugje stoner-rock nog toe wil voegen, en neemt af en toe ook flink gas terug. 

Is Modern Creation een plaat om heel druk over te doen? Nee, er zijn in de geschiedenis van de rockmuziek talloze bands die al gedaan hebben wat The Whigs op haar nieuwe plaat doet. 

Aan de andere kant is Modern Creation wel een plaat waarop bijna alles goed wordt gedaan. De muziek van The Whigs rockt lekker, biedt voldoende variatie, zit in muzikaal opzicht goed in elkaar, valt op door bijzonder lekker gitaarwerk en is vanwege de aanstekelijke songs vrijwel continu goed voor een goed gevoel. 

Dat is misschien niet genoeg om de wereld mee te veroveren, maar het is absoluut goed genoeg om gehoord te worden en in brede kring gewaardeerd te worden. Het verbaast me dan ook niet dat zelfs de alternatieve Amerikaanse muzieksites redelijk positief zijn over de nieuwe plaat van The Whigs. In Nederland verdient de band wat mij betreft net zoveel respect en aandacht. 

De band uit Athens, Georgia, doet zoals gezegd geen hele spannende dingen, maar heeft wel een plaat gemaakt die veertig minuten lang boeit en meedogenloos vermaakt. Wees eens eerlijk, hoeveel platen verschijnen er momenteel nog waarover hetzelfde gezegd kan worden? Niet heel veel als je het mij vraagt. Omarmen dus dit sympathieke bandje en deze bijzonder lekkere portie gitaarrock. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com   cd  Koop bij bol.com  LP

 

zondag 19 april 2015

Husky - Ruckers Hill

Ik was de Australische band Husky eerlijk gezegd al lang weer vergeten. Nog geen drie jaar geleden bejubelde ik het debuut van de band, maar hoe vaak is Forever So daarna nog terug gekeerd in de cd-speler? Niet al te vaak vrees ik. 

Het heeft overigens weinig te maken met de kwaliteit van het debuut van Husky, maar alles met het destijds enorme aanbod in het genre waarin Husky opereerde. Inmiddels is de vijver met op de jaren 60 en 70 teruggrijpende folk vol mooie harmonieën een stuk minder vol, zodat de nieuwe plaat van Husky mogelijk wel een vis is die wat langer mee kan dan slechts de waan van de dag. 

Ruckers Hill is er in ieder geval goed genoeg voor. Husky kent haar sterke wapens inmiddels zelf ook en opent haar nieuwe plaat daarom met harmonieën om van te watertanden. Het lijkt zo af en toe wel of je de broers Don en Phil Everly aan het werk hoort, al is de muziek van Husky een stuk moderner dan die van de broertjes Everly. 

In vocaal opzicht grijpt Husky nadrukkelijk terug op muziek uit een ver verleden, maar in muzikaal opzicht sluit de band aan bij veel hippere hedendaagse rockbands, wat Ruckers Hill een bijzonder en vooral ook eigen geluid geeft. 

Husky werd een paar jaar geleden nog vooral vergeleken met Fleet Foxes, maar dat is een vergelijking die op het moment nauwelijks relevant meer is. Omdat er toch nog wel wat over moet zijn van de enorme status die Fleet Foxes hooguit een paar jaar geleden had, is er alle reden om Husky een mooie toekomst te voorspellen, al geeft het feit dat het maanden heeft geduurd voordat de plaat ook Europa heeft weten te bereiken natuurlijk te denken. 

Nu de plaat er eenmaal is kan het volgens mij niet meer mis gaan met Husky, want wat is Ruckers Hill een heerlijke plaat. Zeker nu de zon weer wat frequenter gaat schijnen en de zonnestralen ook aan kracht winnen, is de muziek van Husky 100% feelgood muziek. En op hetzelfde moment is het ook nog eens bloedmooie muziek.

Dat heeft alles te maken met de oorstrelende harmonieën, die niet alleen herinneren aan The Everly Brothers, maar ook aan Crosby, Stills & Nash, aan The Beach Boys en aan Simon & Garfunkel. Nu zijn er platen vol met mooie harmonieën, maar die van Husky behoren tot het soort dat onmiddellijk zorgt voor kippenvel. 

Husky heeft echter meer te bieden dan betoverend mooie harmonieën. In vocaal opzicht is Ruckers Hill overtuigender dan zijn voorganger, maar de grootste stappen zet Husky in muzikaal opzicht. Net als bijvoorbeeld een band als Frontier Ruckus (hun laatste plaat schaar ik onder de grootste verrassingen van 2014) en in mindere mate The Avett Brothers, slaagt Husky er in om de invloeden uit de folk van weleer te combineren met invloeden uit de hedendaagse rockmuziek, waarbij de werkelijk prachtige gitaarlijnen centraal staan. Ruckers Hill doet in muzikaal opzicht meer dan eens aan een band als Travis denken en dat is wat mij betreft een groot compliment. 

De combinatie van nogal uiteenlopende invloeden uit een periode die decennia bestrijkt is er een die uitstekend werkt en die de meeslepende songs van Husky voorziet van extra zeggingskracht en urgentie.

Husky wist zich twee jaar nog niet volledig te onderscheiden van de moordende concurrentie, maar is deze, inmiddels grotendeels onzichtbare, concurrentie inmiddels mijlenver voor met deze even mooie als bijzondere plaat. Erwin Zijleman

 

zaterdag 18 april 2015

Josh Rouse - The Embers Of Time

Het is een opvallend oeuvre dat de Amerikaanse muzikant Josh Rouse inmiddels op zijn naam heeft staan en het is helaas ook een oeuvre dat door veel te weinig muziekliefhebbers op de juiste waarde wordt geschat. 

Dat heeft deels te maken met de grilligheid van de carrière van Josh Rouse. Josh Rouse debuteerde aan het eind van de jaren 90 en maakte, mede door de zeer positieve recensies in Britse muziektijdschriften als Mojo en Uncut, direct in kleine kring naam als rootsmuzikant. 

Nadat Josh Rouse zichzelf op de kaart had gezet met het bijzonder fraaie Under Cold Blue Stars, koos hij op het 2003 verschenen 1972 echter voor een andere weg en eerde de Amerikaan op bijzonder aangename en fraaie wijze de radiovriendelijke popmuziek en singer-songwriter muziek uit de vroege jaren 70. Het is een lijn die Josh Rouse sindsdien heeft doorgetrokken. 

Dit kwam het best uit de verf op het in 2005 verschenen Nashville (laat je niet misleiden door de titel), dat wat mij betreft de beste plaat van Josh Rouse tot dusver is. Na de release van Nashville volgde Josh Rouse zijn hart en bracht de liefde hem naar Spanje. Josh Rouse bleef goede platen vol memorabele popliedjes maken, maar op een of andere manier trokken zijn platen sinds zijn verhuizing naar Spanje minder aandacht. Het zal niet aan de subtiele toevoegingen uit de Spaanse muziek hebben gelegen. 

De afgelopen jaren stak Josh Rouse in een net wat minder goede vorm, wat platen opleverde die net wat minder memorabel waren dan de genoemde platen en de eerste platen die Josh Rouse vanuit Spanje maakte. Op The Embers Of Time heeft Josh Rouse zijn oude vorm gelukkig weer gevonden. 

Het is een wat sombere plaat geworden vol songs over verlies, relatieproblemen en psychische problemen, wat kennelijk een betere voedingsbodem is voor goede muziek dan de Spaanse zon of een roze bril. 

Josh Rouse woont nog altijd in Valencia, maar nam The Embers Of Time ook gedeeltelijk in Nashville op. Josh Rouse werkte dit keer met producer Brad Jones, die al eerder aanschoof voor zijn platen en hiernaast mooie dingen deed voor onder andere Tim Easton, Chuck Prophet en Over The Rhine. Het is een combinatie die heeft gewerkt, want The Embers Of Time is een plaat die goed is voor een brede glimlach. 

Ook op zijn nieuwe plaat maakt Josh Rouse muziek die is geworteld in de jaren 70. Denk aan Paul McCartney, denk aan Harry Nilsson en denk ook zeker aan Paul Simon, met wie ik in vocaal opzicht de meeste overeenkomsten hoor. Hiernaast hoor ik ook raakvlakken met Bob Dylan, Nick Drake en zelfs Lou Reed. Het zegt iets over de inspiratiebronnen van Josh Rouse, maar het zegt ook iets over zijn veelzijdigheid. 

Net als bijvoorbeeld Ron Sexsmith beschikt Josh Rouse over het vermogen om songs te schrijven die direct bij de eerste keer horen memorabel zijn. Het zijn popliedjes die buitengewoon lekker in het gehoor liggen, maar het zijn ook popliedjes met diepgang. Deze diepgang komt deels uit de teksten waarin de heftige thema’s niet uit de weg worden gegaan, maar ook de continue maar ook subtiele flirts van Josh Rouse met Amerikaanse rootsmuziek dragen nadrukkelijk bij aan een geluid dat net wat anders is dan dat van de meeste andere singer-songwriters in dit segment. 

Het was even geleden dat ik direct bij eerste beluistering verliefd was op een plaat van Josh Rouse, maar met The Embers Of Time heeft hij het weer geflikt. Prachtplaat. Punt. Erwin Zijleman

Koop bij bol.com

 

vrijdag 17 april 2015

Tori Amos - Little Earthquakes, Deluxe Edition

Een geweldig debuut kan een verlammende of zelfs dodelijk uitwerking hebben op de carrière van een muzikant. De Amerikaanse singer-songwriter Tori Amos heeft daar gelukkig niet al te veel last van gehad, al is het wel zo dat haar debuut Little Earthquakes de lat bijzonder hoog heeft gelegd voor iedere volgende plaat. 

Tori Amos heeft minstens een handvol platen op haar naam die me zeer dierbaar zijn, maar als ik er één moet kiezen, kies ik toch zonder enige twijfel voor haar debuut uit 1992. Of, beter nog, voor de luxe editie die onlangs van dit debuut is verschenen, want die voegt wel degelijk wat toe aan het origineel. 

Wat is nu zo bijzonder aan Little Earthquakes? Het zijn meerdere dingen denk ik. Allereerst was het de eerste kennismaking met het bijzondere geluid van Tori Amos en het was een kennismaking om nooit meer te vergeten. Hiernaast viel het debuut van Tori Amos op door haar heerlijk kabbelende pianospel, haar expressieve stem en natuurlijk haar teksten die zich niet lieten inperken door de normen en waarden van anderen. 

Hiernaast excelleert Tori Amos op haar debuut met geweldige songs. Het zijn songs die me in 1992 genadeloos bij de strot grepen en dat doen de songs van Little Earthquakes eigenlijk nog steeds. Crucify, Girl, Silent All These Years, Precious Things, Winter, Happy Phantom, China,  Leather, Mother, Tear In Your Hand, Me And A Gun, Little Earthquakes; het was allemaal prachtig, het is allemaal prachtig en het zal altijd allemaal prachtig zijn.

De geremasterde versie van Little Earthquakes klinkt geweldig, al zou ik niet kunnen zeggen wat precies het verschil is met het origineel. Hoewel de pianoklanken en de stem van Tori Amos domineren op Little Earthquakes, valt de plaat ook op door een mooie productie die het geluid van Tori Amos soms kaal en direct houdt, maar net zo vaak fraai en vol inkleurt met andere instrumenten. 

Little Earthquakes laat zich inmiddels beluisteren als een plaat vol lekker in het gehoor liggende popsongs, maar het zijn wel popsongs die overlopen van urgentie en emotie. Tori Amos laat op Little Earthquakes haar hart spreken en snijdt op geheel eigen wijze een aantal belangrijke thema’s aan, waaronder uiteraard relaties, maar ook religie, de positie van vrouwen in de samenleving en de ervaringen uit haar eigen jeugd, die lang niet altijd makkelijk was. Het maakt van Little Earthquakes een plaat vol demonen, maar ook een plaat vol prachtige quotes en songs die in  de loop der jaren zijn uitgegroeid tot klassiekers in het oeuvre van Tori Amos. 

Ik ben nooit zo heel erg onder de indruk van de extra’s die worden toegevoegd aan een Deluxe editie van een klassieker, maar de schijf met extra’s bij Little Earthquakes mag er zijn. Zo ben ik persoonlijk heel blij met de Tori Amos versie van Nirvana’s Smell Like Teen Spirit, maar ook de tracks die de plaat uiteindelijk net niet haalden en de live-tracks zijn zeer de moeite waard. 

De hoofdschotel bestaat uiteraard uit de originele songs van Little Earthquakes en wat zijn die nog steeds goed. Heel goed. Het is razend knap hoe Tori Amos haar songs uiterst klein kan houden, maar opeens kan laten uitbarsten, maar ook de veelkleurigheid van de plaat maakt nog altijd diepe indruk. Er komen momenteel volop hele mooie platen uit, maar platen van het niveau van Little Earthquakes van Tori Amos zijn en blijven uiterst zeldzaam. Daarom zit deze week vooral Tori Amos in mijn cd-speler. En wat is het genieten. Erwin  Zijleman

Koop bij bol.com  cd  Koop bij bol.com  LP